Religie is de pineut

 

D66 en VVD rooien in rap tempo christelijke wetten. Ondoordacht en arrogant, vindt Frank G. Bosman. „De Bijbel moest alleen de Kamer uit om te voorkomen dat de Koran er een plekje zou krijgen.”

 

Het KASKI-rapport ‘God in Nederland’ (Radboud) laat zien dat religie en zelfs spiritualiteit hier snel terrein verliezen. 82 procent komt (bijna) nooit in de kerk. Een kwart bestempelt zichzelf als atheïstisch, nog maar 31 procent als spiritueel. De volkskerk van de jaren vijftig is definitief verdwenen. De moderne mens is verlicht, seculier en atheïst. De liberale partijen, VVD en D66, voelen deze tijdgeest op een bepaalde manier goed aan. In rap tempo jagen zij op de laatste resten van Nederland als christelijke natie. Wet op de zondagsrust sneuvelt, evenals koppeling tussen kerkelijke en gemeentelijke administratie. Eerder verdween het verbod op smadelijke godslastering. De Bijbel verdween uit de Kamer. En zo kan ik nog wel even doorgaan.

 

Minister Plasterk wees er onlangs nog op dat de wet die zondagsrust regelt, in de praktijk bijna niet wordt toegepast. Sinds 2012 was de wettelijke winkelsluiting al opgeheven, elke super mocht zijn gang gaan, ook op zondagochtend. Hij probeerde het nog eens en zei dat zondagsrustwet voor sommige groepen symbolische waarde heeft. Goed gezien van de PvdA-minister, maar het kon D66 (en VVD) niet deren. De Bijbel bleef al die jaren keurig dicht in de Kamer. Toch moest ie weg. D66 en VVD vieren triomf na triomf, hun slogan ‘niet meer van deze tijd’. En daarmee lijkt de kous af.

 

Ik protesteer tegen deze politiek.

Ten eerste zijn er hier nog genoeg mensen die zich – ook politiek en maatschappelijk – willen laten inspireren door hun geloof. Voor hen vormt het christelijk geloof een belangrijke motivatie om zich voor de samenleving in te zetten. Door de antichristelijke politiek van D66 en VVD worden deze mensen moreel gediskwalificeerd.

 

Ten tweede laden D66 en VVD de verdenking op hun schouders deze maatregelen te nemen om alvast voor de komende verkiezingen zichzelf te profileren. Onder druk van de opmars van Wilders, proberen zo’n beetje alle partijen zich als onverzettelijk te profileren richting ‘de islamisering’. Onder het mom van politieke correctheid die (terecht) eist dat alle gelovigen in gelijke gevallen gelijk worden behandeld, wordt de (tanende) invloed van de oude christelijke religie op maatschappelijk terrein geslachtofferd vanwege angst voor de islam.

Om het maar eens direct te formuleren. De Bijbel moest de Kamer uit om te voorkomen dat de Koran ernaast een permanent plekje zou krijgen.

En de zondagsrust moest zijn wettelijke verankering kwijtraken – hoe symbolisch ook – om te voorkomen dat moslims hun vrijdag opvoeren als vrije dag.

 

Ten derde getuigt de politiek van D66 en VVD van weinig wereldzin. Buiten West-Europa neemt het aantal gelovigen toe, zowel relatief als absoluut. West-Europa is een seculier eiland in een oceaan van religiositeit.

 

Het fanatisme, ten slotte, dat D66 en VVD aan de dag leggen in het inperken van religieuze verworvenheden van het christelijke smaldeel van de bevolking, lijkt spiegelbeeldig aan het fanatisme dat zij de (christelijke) religie in Nederland verwijten. Vroeger moest elke vorm van ‘vrijdenken’ door de overheid worden bestreden vanwege aantasting van ‘goede zeden’. Nu moet elke vorm van religieus denken en handelen verdwijnen uit het publieke domein, wederom vanwege aantasting van ‘goede zeden’. De zeden zijn veranderd, maar het fanatisme waarmee de overtreder wordt aangepakt, is gelijk gebleven. En dus is religie de pineut.

 

 

Geschreven door: Dr. Frank G. Bosman

Bron: NRC Handelsblad 17 maart 2016

 

De zondagsrust is niet meer

 

Om half elf staat het fietsenrek voor Albert Heijn al vol. In de tuinkamer van het Centraal Museum zit het personeel om de vergadertafel. Van drie kanten beieren de klokken. Een moeder, sigaret in de mond, duwt een kinderwagen voort. Een echtpaar steekt de Catharijnesingel over. Zij draagt een vilten hoedje en paarse kousen, hij een stijve regenjas. Zo ziet de zondagochtend in Utrecht eruit.

 

Afgelopen week werd de Wet op de zondagsrust met een achteloze pennenstreek geschrapt. „Niet meer van deze tijd”, zei Kamerlid Fatma Koser Kaya – de dooddoener van de seculiere hervormers.

 

Ik denk aan de oasetjes van rust die worden volgebouwd en voorgoed verdwenen zijn. Je hoefde toch niet per se naar de kerk op zondagochtend om wel te kunnen genieten van de relatieve stilte en het luiden van de kerkklokken dat de stilte eerder onderstreepte dan doorbrak. Als ik ze hoor, denk ik altijd even aan de gemeenschap die zich erdoor in gang laat zetten, en dat vind ik een geruststellende gedachte.

 

D66 viert het einde van de zondagsrust als een overwinning op de achterlijkheid. Dat het gevecht allang beslecht was – gemeenten hadden al de mogelijkheid om evenementen vóór 13.00 uur op zondag toe te staan en sinds 2012 is de winkelsluiting vrijgegeven – maakt voor het effect niet uit. Het kan nu niemand meer worden verboden de kerkgang of wat voor rust dan ook van anderen te verstoren.

 

Keuzevrijheid heet dat, ik noem het seculiere dogmatiek.

 

In het wereldbeeld van D66 zijn alle Nederlanders zelfstandig, welvarend, goed opgeleid en in staat om op basis van eenduidige informatie hun eigen leven te bestieren. Maar lees het zondag verschenen rapport God in Nederland: voormalige kerkgangers zijn niet per se atheïst geworden, maar twijfelen, zijn onzeker over wat ze geloven. Ze hebben nog geen vorm gevonden voor die twijfel.

 

Ik was dit weekend op een jubileum van het Katholiek Vrouwendispuut, waar 120 vrouwen een gemeenschap vormen, een debatclub op katholieke grondslag – ook dat is geloven. „We zijn blij met de liberale ideeën van de nieuwe paus, en nou gaat de rijksoverheid vrijheden als de zondagsrust beperken”, zei een deelneemster.

 

Minister Plasterk van Binnenlandse Zaken wilde aanvankelijk het wetsvoorstel ter afschaffing van de Zondagswet naast zich neerleggen. „Voor sommige bevolkingsgroepen heeft hij nog een belangrijke symbolische waarde”, zei hij.

 

De meerderheid beslist, goed – maar waarom zou de meerderheid zich niet over de minderheid ontfermen en ruimte voor hen laten.

 

Ik vraag me af waarom die liberale D66’ers, fanatiek als de Inquisitie, met de stofkam de laatste christelijke sporen uit de wetten trekken. Zijn ze bang voor Spakenburgs salafisme?

 

 

Geschreven door Jutta Chorus

Bron: NRC Handelsblad 14 maart 2016

 

 

 

 

 

<<Terug naar columns